Een autolader kopen lijkt eenvoudig tot je de specificaties ziet: 18 watt, 45 watt, 90 watt, PD, PPS, QC3.0, GaN. Deze gids legt uit welke getallen ertoe doen en welke je kunt negeren.
Begin bij de vraag: wat laad je?
Het benodigde vermogen hangt af van het apparaat, niet van je auto.
- Alleen een telefoon op peil houden tijdens navigeren — 12 tot 20 watt volstaat
- Een telefoon echt snel laden onderweg — 30 tot 45 watt
- Twee telefoons tegelijk snel laden — vanaf 54 watt
- Een laptop bijladen — 65 watt of meer, en let op de poort die dat vermogen levert
Meer watt maakt een langzaam ladende telefoon niet sneller. Een toestel neemt op wat het aankan en niet meer. De winst zit in tegelijk laden zonder in te leveren.
De valkuil: totaalvermogen versus vermogen per poort
Dit is waar de meeste teleurstelling ontstaat. Een lader die “36 watt” heet, levert die 36 watt vaak alleen als er één apparaat in zit.
Neem de CC06: één apparaat op USB-C krijgt 36 watt. Sluit je er een tweede bij aan, dan zakt het totaal naar ongeveer 15 watt, verdeeld over beide. Snelladen stopt dan.
Vergelijk dat met de CC05: 36 watt op USB-C plus 18 watt op USB-A is samen precies de 54 watt die het apparaat levert. Beide poorten kunnen dus tegelijk vol vermogen geven.
Controleer daarom altijd het vermogen bij gelijktijdig gebruik, niet het getal op de doos.
Power Delivery, Quick Charge en PPS
Snelladen werkt alleen als lader en toestel dezelfde taal spreken.
- Power Delivery (PD) — iPhone vanaf 8, de meeste moderne Android-toestellen, tablets en laptops
- Quick Charge (QC) — toestellen met een Qualcomm-processor, vaak wat oudere Android
- PPS — een verfijning van PD die de spanning in kleine stapjes bijstelt. Dat geeft minder warmte in je telefoon en spaart de accu op termijn
- SCP en FCP — Huawei. AFC — Samsung
Let op: welke poort welke standaard voert, verschilt per model en is niet altijd wat je verwacht. Bij de CC06 zit Power Delivery bijvoorbeeld op de USB-A poort en Quick Charge op USB-C. Lees dat na voordat je bestelt.
Ingebouwde kabel of losse poorten?
Modellen met een intrekbare kabel, zoals de CC11 Panther en de CC09 Jetour, nemen het gedoe met losse snoeren weg. De kabel rolt zichzelf op.
De keerzijde: raakt zo’n kabel beschadigd, dan kun je hem niet vervangen. Bij losse poorten koop je gewoon een nieuwe kabel.
Wat GaN betekent
GaN staat voor galliumnitride, een materiaal dat silicium vervangt in de laadschakeling. Het produceert minder warmte bij hetzelfde vermogen, waardoor de behuizing kleiner kan.
Praktisch: een klassieke 65W-lader heeft ongeveer het formaat van een pak speelkaarten, een GaN-versie past in een broekzak. Je merkt het vooral bij reisladers als de CM06 Explorer en de RP-U191, die naast de lader ook wisselstekkers voor het buitenland bevatten.
Draadloos of met kabel?
Een magnetische houder die ook laadt, zoals de RM-C51i, levert doorgaans 15 watt. Dat is minder dan een goede kabel, maar je hoeft niets aan te sluiten. Bij korte ritten weegt dat gemak vaak zwaarder dan de laadsnelheid.
Zonder laadfunctie, alleen als houder, is de RM-C51 eenvoudiger en goedkoper.
Let op de zekering van je auto
Laders van 90 watt en meer, zoals de CC10 Jaguar, trekken flink stroom. In oudere auto’s is de zekering van de aanstekeraansluiting soms krapper bemeten dan het apparaat vraagt. Controleer dat bij twijfel in je instructieboekje.

